De vuilnisbelt van Haren

Doesburg – Ik fiets door de componistenbuurt. Een verzameling treurige flats en minuscule huisjes met voortuintjes vol verwilderd afval. Een fiets zonder wielen leunt onbeholpen tegen de gevel van een hoekwoning. Door het hardboard waarmee de voordeur is dichtgespijkerd, komt een doordringende wietlucht. Het is half acht ’s morgens.

Twee zwarte jongens in witte trainingspakken staan een huisje verderop een sigaretje tussen de vuilniszakken in de voortuin te roken. Uit de verte lijken ze op de technische mannen uit een misdaadserie. Een man met een rode fez op zijn hoofd staart naar de grauwe flat tegenover de woningen. Gescheurde doeken voor zijn ramen dienen als gordijnen.

Terwijl ik om de opengereten vuilniszakken zigzag, hoor ik op de radio over het Filippijnse jongetje Kesz dat de Internationale kindervredesprijs heeft gewonnen. Nadat hij, zoekend naar eten op een vuilnisbelt in Manilla, door een ander kind in een stapel brandende banden was geduwd, werd hij door zijn ouders uit huis gezet omdat hij ‘bad luck’ was . Kesz kwam in een opvangtehuis terecht.

Manilla

Ooit was ik in het land van Kesz, in een sloppenwijk vergelijkbaar met de zijne, in Manilla. Smokey Mountains heette de sloppenwijk. Gebouwd op broeiend vuilnis dat regelmatig ontbrandt. Ik verbleef er slechts een paar uur. Het staat op mijn netvlies gebrand als de hel op aarde: de stank, de onbeschrijfelijke armoede. Kinderen worden er vaak niet ouder dan vijf.

Kesz had geluk. Kreeg te eten en leerde lezen en schrijven. Hij vergat echter geen moment waar hij vandaan kwam. Hij wist: “niet iedereen heeft zoveel geluk als ik.” Daarom helpt hij andere kinderen. Hij geeft voorlichting over hoe je groente kan telen en hoe belangrijk hygiëne is. Ik ontwijk een kapot bierflesje terwijl ik me afvraag hoe gezond groente verbouwd op een vuilnisbelt is.

©Hartmut Schwarbach http://hartmut-schwarzbach.jimdo.com/

’Toen Kesz zeven werd, kreeg hij de vraag voorgeschoteld wat hij voor zijn verjaardag wilde. “Cadeautjes voor de andere kinderen die nog op de vuilnisbelt wonen, antwoordde hij. Ieder jaar groeide de berg cadeautjes. Zijn initiatief zette hij om in een organisatie om fondsen te werven.

’s Avonds, terug uit de componistenbuurt, zie ik op het journaal hoe mensen massaal naar Haren trekken omdat een meisje van Kesz’ leeftijd vergeten was een vinkje uit te zetten toen ze via Facebook mensen voor haar verjaardag uitnodigde.

Mensen, die in huizen wonen, leerden lezen en schrijven en ieder jaar verjaardagscadeautjes krijgen, vernielen een wildvreemd dorp. Na een nacht van rellen ziet het dorp er uit als een Filippijnse vuilnisbelt.

Ik hoop dat Kesz niet hoeft te zien, hoe mensen die alles hebben, moedwillig vernielen. Ik klamp me dan ook vast aan het antwoord van Kesz op de vraag wat hij mensen wil meegeven. “Dat je nooit de hoop moet verliezen.”

Categorieën:Doesburg, Politiek, SamenlevingTags: , , , , , , ,

34 Comments

  1. Hoop moeten we blijven houden, zoals Kesz zelf aangeeft. En proberen te begrijpen in hoeverre de in het verleden ingezetten trend naar onze huidige samenleving en ver gaande individualisering ook hier schuldig aan is. We kunnen niet alleen de jeugd hiervan de schuld geven. Ook wij gingen vroeger op zoek naar spanning en sensatie, maar hadden niet de technische mogelijkheden om zoveel mensen te mobiliseren. Wij moeten in contact blijven met onze (klein)kinderen en ze niet meteen afschrijven vanwege dit soort excessen. Daar kunnen dit soort mooie blogs ook bij helpen.

    • Ik geef jongeren niet de schuld. De kinderen die ik les geef vinden dit verbijsterend. Wat ik wel zorgelijk vind is de ‘leegte’ die ik constateer in een land dat zo rijk is, waar mensen het zo goed hebben. Is dit wat wel-zijn met ons doet? Ik vind sociale media op zich niet zo interessant in deze, behalve dat je veel mensen kunt mobiliseren. Maar ik herinner me nog uit mijn sweet sixteen tijd in de VS, dat altijd iedereen kwam als er een feest was. Uitgenodigd zijn speelde geen rol. Er was een feest. Dat was genoeg.

      • Ik heb ook niet het idee dat jij de jongeren de schuld geeft. Daarom vind ik jouw blog er ook zo uitspringen t.o.v. de standaardreacties die je op de meeste plekken kunt lezen. Verder denk ik wel dat die leegte niet iets van de laatste tijd is. Dat is een verwijt wat de jeugd door de eeuwen heen voor de voeten wordt geworpen.

  2. jeanette

    LIeve Anneke,
    Diep geroerd door dit verhaal!
    Onbegrijpelijk wat er heerst bij een aantal jonge mensen.
    Waar is liefde en respect gebleven.
    Wat doen we de aarde en de mensen aan?
    Laten we met z’n allen MEER liefde geven i.p.v. haat!!
    Een dag van dankbaarheid zou toch mooi zijn!!!
    Voor alles wat wij hebben?
    Jeanette

  3. Echt mooi verwoord. Niet te snappen wat daar gebeurd is. Laatst zat ik in een pizzeria en zei voor de grap dat ik op facebook ging vermelden dat hier volgende week zaterdag gratis pizza te krijgen is. Laat maar zijn, zei de eigenaar. Voor hetzelfde geld staan er honderden klanten voor mijn deur.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s